Het belang van die 6 maanden is groter dan we ons beseffen. Het ongeduld van de ouder is vaak groot.

“Maar als we eten zie ik hem het eten uit mijn hand kijken, hij grijpt met zijn handjes naar zijn mond en probeert het eten te pakken. Ik ga beginnen met hapjes geven.”

Eén van de veel voorkomende uitspraken die ik zusters zie plaatsen.

Wist jij dat als je een drol voor je kindje neerlegt, hij of zij deze waarschijnlijk óók pakt en in de mond probeert te stoppen? (Don’t try please.)

Rond de 3 à 4 maanden begint namelijk de hand-oog-mondcoördinatie zich verder te ontwikkelen. Dat betekent dat baby’s werkelijk van alles pakken en naar hun mond brengen.

Dit heeft dus op zichzelf HELEMAAL NIETS te maken met klaar zijn voor vaste voeding.

Laten we vooral vooropstellen dat borstvoeding of kunstvoeding gedurende het eerste levensjaar de basis blijft. Vaste voeding is in het begin aanvullend en draait vooral om kennismaken met eten, structuren, smaken en het ontwikkelen van vaardigheden rondom eten.

Er is dus geen reden om te haasten.

Maar wanneer begin je dan?

Tot ongeveer 6 maanden is het spijsverteringssysteem van je kindje nog volop in ontwikkeling.

En laten de darmen nou een ontzettend belangrijke rol spelen binnen onder andere de spijsvertering, darmflora en ontwikkeling van het immuunsysteem.

Zuinig zijn op die darmen en ze de tijd geven om verder te rijpen is dus belangrijk.

De Groene Vrouw, darmspecialist, schreef hierover:

“Het rijpen van de tight junctions duurt ongeveer 6 maanden, maar er is geen magische omslag op de dag dat je ukkie 6 maanden wordt. Lichamelijke processen nemen de tijd die ze nodig hebben, soms wat langer, soms wat korter.”

Zes maanden is dus geen magische dag waarop ieder kindje ineens exact hetzelfde ontwikkelingsniveau heeft bereikt.

Het is wél een belangrijk uitgangspunt: ik adviseer om niet vóór 6 maanden met vaste voeding te beginnen.

Daarna kijk je vooral naar je kindje.

Islamitisch.

Ook vanuit islamitisch perspectief is er een mooie uitspraak over het moment waarop voeding geïntroduceerd kan worden.

Ibn Qayyim al-Jawziyyah (rahimahullah) schreef in Tuhfat al-Mawdood bi Ahkaam al-Mawlood:

“Ze mogen alleen melk krijgen totdat hun tanden verschijnen, omdat hun maag zwak is en geen voedsel kan verteren. Als de tanden van de baby verschijnen, is zijn maag sterk geworden en kan hij worden gevoed met voedsel. Voedsel moet geleidelijk worden ingevoerd.”

Een eerste tandje kun je dus zien als één van de natuurlijke signalen dat de ontwikkeling van je kindje verdergaat.

Maar het is voor mij geen harde grens.

Want nu hoor ik direct allemaal moeders:

“Maar mijn baby kreeg pas na 1 jaar zijn eerste tand!”

Ja, dat kan.

Persoonlijk kijk ik daarom naar het totaalplaatje.

Je baby is minimaal ongeveer 6 maanden oud en daarnaast kijk je onder andere naar:

  • Kan je baby met minimale steun goed rechtop zitten?
  • Heeft je baby een goede en stabiele hoofdcontrole?
  • Kan je baby zelf voeding pakken en naar de mond brengen?
  • Is de tongreflex waarbij voeding automatisch naar buiten wordt geduwd verdwenen?
  • Toont je baby interesse in eten?

Pas wanneer je kindje er qua ontwikkeling aan toe is, kun je rustig beginnen.

En ook dan geldt:

Eten is geen race.

Je kindje hoeft niet ineens volledige maaltijden naar binnen te werken. Melk blijft de belangrijkste basis en vaste voeding bouw je rustig op.

Waar begin je dan mee?

Hierin is mijn visie door de jaren heen wél veranderd.

Waar ik vroeger de Kleintjesmethode en de Rapley-methode adviseerde, sta ik inmiddels niet meer achter de manier waarop binnen deze methodes voeding wordt geïntroduceerd.

Wat ik wél heb behouden, is het principe van Baby Led Weaning:

Je baby mag zelf ontdekken.
Zelf pakken.
Zelf naar de mond brengen.
Zelf het tempo bepalen.
En zelf aangeven wanneer het genoeg is.

Maar WAT je aanbiedt, doet ertoe.

Ik kies daarom tegenwoordig voor een animal-based start, waarbij voedingsrijke dierlijke producten de basis vormen.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • zacht gegaard vlees
  • vleesbouillon
  • eidooier
  • vis
  • orgaanvlees
  • dierlijke vetten

In plaats van zo snel mogelijk allerlei verschillende voedingsmiddelen te introduceren, kijk ik veel bewuster naar voedingswaarde, verteerbaarheid en de volgorde waarin voeding wordt aangeboden.

Groente en fruit hoeven voor mij daarbij niet de basis van de eerste hapjes te vormen. In mijn eigen basisaanpak stel ik deze liever uit en ligt de nadruk gedurende het eerste jaar voornamelijk op animal-based voeding.

Geen haast dus.

Je kindje kan letterlijk nog zijn of haar hele leven eten.

Geef het lichaam eerst de tijd om zich te ontwikkelen en laat vaste voeding daarna stap voor stap een aanvulling worden op melk.

Wil je precies weten waarmee je begint, hoe je voeding veilig aanbiedt en hoe ik de opbouw tegenwoordig aanpak?

In mijn e-book Starten met vaste voeding 6+ maanden neem ik je stap voor stap mee in mijn huidige visie en praktische voedingsintroductie.